Team challenge
Twee teams, snelle opdrachten, punten op het bord.
Voor welke leeftijd?
Herkenbare woorden, korte zinnen en duidelijke spelrondes met hulp van de begeleider.
Zelfstandigheid: Kinderen spelen in tweetallen of kleine teams; de begeleider leest de opdrachten voor.
Voor de begeleider
- Doel
- Alles van vandaag samen gebruiken in een spannend spel.
- Duur
- 30+ min
- Voorbereiding
- Geen voorbereiding
Benodigdheden
- digibord of whiteboard voor de score
Zinnen die je kunt zeggen
- “Team A, your turn!”Team A, jullie beurt!
- “One point for team B!”Eén punt voor team B!
- “Ready? Go!”Klaar? Start!
Stap voor stap
Stap 1
Teams maken
Verdeel de groep in team A en team B. Werk in korte rondes en laat kinderen één Engels woord of één korte zin gebruiken.
- “This is team A. This is team B.”
Stap 2
Opdracht
Geef een opdracht: noem drie dieren, wijs iets blauws aan, zeg een zin. Werk in korte rondes en laat kinderen één Engels woord of één korte zin gebruiken.
- “Team A: name three animals. Ready? Go!”
Stap 3
Punten
Elke goede opdracht is een punt. Zet de score groot in beeld. Werk in korte rondes en laat kinderen één Engels woord of één korte zin gebruiken.
- “One point for team A!”
Stap 4
Afsluiten
Sluit af met een applaus voor beide teams. Werk in korte rondes en laat kinderen één Engels woord of één korte zin gebruiken.
- “Well done, everybody!”
Extra uitdaging voor oudere kinderen
Laat de teams zelf een opdracht voor de andere groep bedenken.