Snel iets doen

Christmas Words

Tien kerstwoorden groot in beeld, samen nazeggen.

10 minGeen voorbereidingWoordenEerste woorden

Voor welke leeftijd?

Kies vijf woorden: Christmas tree, present, star, snow, bell. Wijs steeds mee.

Zelfstandigheid: De begeleider doet voor; kinderen luisteren, wijzen, bewegen en zeggen losse woorden na.

Voor de begeleider

Doel
De kerstwoorden van dit programma leren kennen.
Duur
10 min
Voorbereiding
Geen voorbereiding

Benodigdheden

  • digibord of laptop

Engelse woorden

  • Christmas tree · kerstboom
  • present · cadeau
  • star · ster
  • snow · sneeuw
  • bell · bel

Zinnen die je kunt zeggen

  • Listen and repeat.Luister en zeg na.
  • What is this?Wat is dit?
  • Say it with me!Zeg het met mij!

Stap voor stap

  1. Stap 1

    Voorzeggen

    Zet elk woord groot in beeld en zeg het twee keer. Doe dit voor, gebruik maximaal één korte opdracht tegelijk en laat kinderen vooral aanwijzen of bewegen.

    • Christmas tree. Christmas tree.
  2. Stap 2

    Nazeggen

    De groep zegt samen na, eerst zacht, dan hard. Doe dit voor, gebruik maximaal één korte opdracht tegelijk en laat kinderen vooral aanwijzen of bewegen.

    • Say it with me: present!
  3. Stap 3

    Terugvragen

    Ga de woorden nog eens langs en vraag wie het weet. Doe dit voor, gebruik maximaal één korte opdracht tegelijk en laat kinderen vooral aanwijzen of bewegen.

    • What is this? Yes! A star.

Extra uitdaging voor oudere kinderen

Maak bij drie woorden een zin: “I can see a star.”

← Terug naar het kerstprogramma